OUD

Het ene moment sta je erbij stil dat je weer een jaartje mag optellen bij je verzameling (iets wat aanvankelijk zwaar aanvoelt, maar uiteindelijk gewogen wordt als blijk van ervarenheid), en dan verkijk je je weer over wat voor vreemde ticks ik vroeger allemaal had. Dit lijkt wat cryptisch, maar eigenlijk komt het erop neer, dat ik verslaafd was (ben?) aan websites maken en wat rondhuppelen op profielsites. Die websites maak ik overigens niet zelf met HTML of zo (ik geef toe dat ik dappere pogingen heb gedaan), maar ik gebruik standaard lay-outs en kom met allemaal nieuwe ideeën, totdat ik me bedenk, dat aan mijn andere activiteiten toch wat meer voorrang verleend zou moeten worden en het hele plan naar de achtergrond raakt. Zo is dat ook gebeurd met deze weblog, hoewel ik hem stiekem best koester, aangezien er een hoop aan geschiedenis op staat.

Misschien ben je benieuwd naar wat er van mij nu geworden is; eerder schreef ik over onzekerheden over mijn studiekeuze, over wat ik moest doen met mijn teveel aan energie en mijn verlangen naar nog meer verschillende activiteiten. Eindelijk kan ik zeggen dat ik mij op mijn plek voel op mijn studie, Geneeskunde, waar ik dan ook lid ben van twee Geneeskunde-gerelateerde studentverenigingen, namelijk IFMSA-Leiden (sinds kort!), en L.M.D. Forestus, sinds het begin van mijn opleiding. Ik ben – eindelijk – gestopt met het DJO (Domstad Jeugd Orkest), want na tien jaar daar gespeeld te hebben, was ik toch echt wel heel oud.Vorig jaar heb ik gesoftballt bij UVV Dames 3, een heel gezellig team! En ook zeker een leuke, en fijne sport om te beoefenen. Bovendien was ik in het weekend regelmatig in de Utrechtse binnenstad te vinden om het een en ander te vieren. 

Al dit heen- en- weer gevlieg heeft me wel mijn Propedeuse in één jaar gekost; ik ben momenteel bezig mijn achterstand zoveel mogelijk weg te werken. Komende donderdag is het zover: dan hoop ik mijn laatste eerstejaarstentamen succesvol af te sluiten, opdat ik na de meivakantie mijn papiertje kan ophalen, het bewijs dat ik verder mag met mijn studie, waar ik zoveel energie in steek en veel plezier aan beleef. Helaas heb ik hiervoor wel één seizoen moeten stoppen met softbal, maar ik zal vasten zeker een wedstrijdje komen bijwonen. Ook speel ik nu veel minder viool, ook al ben ik nu bezig met een heel mooi stuk voor klarinet, viool en piano van Milhaud. Wanneer de tijd ernaar is, zal ik er een fragment van zoeken op Youtube.

Daarnaast verlang ik naar het strand – nu ik toch in Leiden woon – en ben ik minstens eens per week in Noord-Brabant, daar waar mijn liefdes bed slaapt! Op een beter tijdstip zal ik dat wat hij voor mij doet op een waardige manier verwoorden. ;)

Is dit een nieuw begin? Misschien wel, of misschien een tijdelijke snak naar vrije adem.

- Mary

april 17, 2011
By on 00:48
Nog eens zenuwen

Met recht kan ik zeggen dat ik de afgelopen drie weken onder een steen heb gelegen. Mijn dagen begonnen om 5.00 AM, maar eindigden meestal niet voor 00.00 AM, proberend de dag zodanig te rekken dat de mensen die ik nog wilde spreken niet nog aan hun diner zaten voordat ik m’n in stonk. In het weekend sliep ik of studeerde ik. Ik prees mezelf gelukkig dat ik niet hoefde te werken in de weekenden, zodat ik nog enigszins kon uitslapen (tot een uur of acht). Zelfs nu zit ik nog in het onnatuurlijke ritme, want ik was om kwart voor zeven klaar wakker. Een uur voordat de wekker ging.

Welke gek zet er dan ook op doordeweekse dagen een wekker om vijf uur?
- De verpleging (of in ieder geval degenen daarvan die niet dichtbij hun werk wonen).

Waarom stond ik dan om vijf uur op?
- Omdat ik stage liep als verzorgster bij de verpleging van de afdeling Neurologie in het Groene Hart Ziekenhuis in Gouda.

Van tevoren wist ik niet goed wat ik moest verwachten. Het was: “Joepie, meer zenuwen!”, maar ook: “Hoe erg wordt de confrontatie met patiënten met eventuele dubbelzijdige verlammingen of ernstige hersenuitval?” Uiteindelijk viel het mij erg leuk, nee sterker nog, ik vond het geweldig leuk om mee te lopen met de verpleging. Om kort een beeld te geven van wat mijn ervaringen waren met de stage, heb ik even een lijstje gemaakt:

De verpleegafdeling Neurologie is:
- Om half acht met een kop thee aan de overdracht zitten.
- Met z’n allen klagen dat half acht vroeg is.
- Medeleven tonen aan de verpleger die de nachtdienst erop heeft zitten.
- Zelf ook weer naar bed willen.
- De patiënten bespreken.
- Vertellen dat je die mevrouw absoluut niet meer op de po wil zetten. “Ze plast toch al in de mat.”
- Discussiëren over hoe we die patiënt wakker gaan krijgen. “We kidnappen zijn knuffel.”
- Om acht uur dan beginnen met patiënten wekken, helpen met het ontbijt en met het wassen.
- Gruwelen van diarree.
- Je verkleden als een marsmannetje. (Omwille van het heersende NORO-virus)
- Een immense angst hebben voor decubitus.
- Hard lopen schreeuwen tegen een dove patiënt.
- In herhaling vallen bij een demente patiënt en zelf gaan twijfelen over wat je nou al wel en niet gezegd had.
- Visite lopen met de artsen. (En je lachen inhouden over de roddels die gaande zijn)
- Koffie (of thee) pauze houden om elf uur.
- Je vergrijpen aan de taart die iemand heeft meegenomen.
- Trek krijgen bij het ruiken van het warme eten dat de patiënten als lunch krijgen.
- Na de pauze gauw de laatste klusjes doen zodat er om twaalf uur geluncht kan worden.
- Onder het eten roddelen en onsubtiel zoeken of de persoon in kwestie ook al aan de lunch zit.
- Om één uur terug komen en patiënten gereed maken voor het bezoekuur.
- Om half twee een opgeluchte zucht slaken omdat de patiënten eindelijk weer alleen gelaten kunnen worden.
- En toch balen dat die ene mevrouw toch weer op de po wil.
- Gauw de observaties rapporteren in het EPD en om half vier overdragen aan de volgende dienst.
- Een gat in de lucht springen omdat het eindelijk vier uur is en je weer naar huis mag.

Maar het was ook:
- Aangrijpend om mee te maken hoe mensen achteruit gaan door hun aandoening en dat ze blij zijn dat de “zuster” even langs komt om hen af te leiden.
- Ontroerend om te zien hoe een patiënt met een hemiplegie, slikklachten en afasie langzaam weer ter been kwam, later ook zijn arm weer kon bewegen, beter kon slikken en zelfs al weer korte woorden kon spreken.

Kortom, hoe vervelend het werk ook mag klinken, ik heb ontzettend genoten van mijn stage. Maar hoewel ik het jammer vond om na twee en een halve week al te stoppen, voelde ik enige drang om weer terug te gaan naar de vertrouwde collegebank. Zodat ik later de dokter kan zijn die er voor de patiënten is.

- Mary

maart 14, 2010
By on 09:26
Sneeuw en zenuwen

Goed, een maand geleden schreef ik vol ambitie over de NaNoWriMo en ik kan bekennen datgene wat vast niet onvoorstelbaar is: er is totaal niets van gekomen. Het blok waarin ik mij bevond van de studie was Zenuwstelsel, een zeer interessant en geweldig blok – met een geweldige blokcoördinator – maar waarvoor enige studietijd vereist was. De twee uur die ik had moeten besteden aan het schrijven van het verhaal heb ik opgebruikt voor studeren en (andere) leuke dingen. Het studiemateriaal voor Zenuwstelsel bleek zodanig ingewikkeld en veel dat wij, jaar ’09, er een week verlenging voor kregen. Joepie, zou u zeggen, dat deed ik namelijk ook. Toen werd echter bekend dat het tentamen op een maandag zou zijn (toevallig die van vandaag), in plaats van op de gebruikelijke vrijdag, omdat er op de vrijdag ervoor geen zaal beschikbaar was voor 320 man. Goed dan, vier en een halve week om te studeren voor het Zenuwstelsel, moet te doen zijn, toch? Zoals gebruikelijk, echter, heb ik het merendeel van het leerwerk gisteren moeten uitvoeren, wat gezorgd heeft voor gezonde stress en helaas ook voor wat weinig uren slaap.

Om kwart voor zes ging de wekker en ik keek op de site van de NS of er al wat bekend was over treinen die van Utrecht CS naar Leiden CS gingen. Nog niet bekend. Dan maar de mail checken en kijken of er op Blackboard nog wat staat over het tentamen: er wordt coulant omgegaan met te laat komende studenten. Ik zette mijn wekker vervolgens een kwartiertje later zodat ik nog eventjes kon indutten. Om kwart over zeven moest ik er écht uit. Volgens de site van de NS reden er treinen naar Leiden, maar de site van GVU gaf geen mededelingen over het rijden van de bussen. Zodoende stond ik om tien voor zeven bij de bushalte te wachten. De wereld die ik toen zag was wonderbaarlijk: alles lag onder dezelfde dik pak sneeuw, zodat je niet kon zien of je over de stoep, het fietspad, de autoweg of over het hondenpoepveldje liep. Het verkeer was schaars en langzaamrijdend; alsof ik mij bevond in een voertuigloos tijdperk. In de bushalte spraken we onaardig over het Openbaar Vervoer, maar eerlijk gezegd was al die negativiteit een moment van verbroedering. In het kwartier dat ik er gestaan heb, heb ik gepraat met mensen van allerlei leeftijden en afkomsten. Van één passagier kon ik met redelijke zekerheid zeggen aan welke ziekte hij leed.

Maar na dat kwartier begon ik me zorgen te maken, want ik wilde niet een te grote vertraging oplopen: mijn tentamen zou om negen uur beginnen en tot twaalf uur duren. Ik besloot maar te gaan lopen naar station Utrecht-Zuilen, zoals iemand mij adviseerde. Onderweg maakte ik de volgende filmpjes:

Download MOV01485.MP4
>>Geen bussen…

Download MOV01486.MP4
>>Julianapark

Dsc01483
Dsc01484
>> Donker en koud.

Na een klein kwartier was ik aangekomen op station Utrecht-Zuilen, om 7.26u. Volgens de borden was er een trein richting Utrecht CS gegaan om 7.24u, maar daar geloofde ik geen snars van. Het bleek inderdaad zo te zijn dat er al een hele tijd geen trein was gekomen uit de richting Breukelen/Amsterdam. Dan was het maar wachten op de volgende trein, die om 7.39u aan moest komen.

Download MOV01487.MP4
>>Gratis koffie?!

Download MOV01488.MP4
>>Dik pak sneeuw.

Download MOV01489.MP4
>>Verveling.

Download MOV01490.MP4
>>Ijselijke fata morgana.

En toen kwam er een mannetje die aan alle mensen op het perron ging vertellen dat hij net met zijn vriendin had gebeld en dat zij op station Breukelen had gehoord dat haar trein pas om half negen zou gaan vertrekken. Nou, daar had ik geen tijd voor, dus besloot ik samen met een aardige vrouw genaamd Monica (ik hoop dat ik het goed schrijf) lekker naar Utrecht CS te lopen. In eerste instantie zag ik er erg tegen op, maar eigenlijk was het heel gezellig en ik had het nu ten minste niet koud meer. Onderweg, op de Amsterdamse straatweg, zag ik hoe mensen het opgaven om hun auto’s uit de sneeuw te toveren of om op de bus te blijven wachten. Als een stroompje liepen steeds meer mensen richting het centrum van de stad. Een leuk gezicht. Bovendien begon het een beetje licht te worden.

Download MOV01492.MP4
>>Amsterdamsestraatweg.
Download MOV01493.MP4
>>Ochtendzon.

Om ongeveer half negen kwam ik aan op het station en nam ik afscheid van Monica. De mensenmassa op het centrale punt op het station, bij het grote blauwe bord, was reeds groeiende. Men keek hoopvol naar het blauwe bord.

Dsc01495

Alle borden op het station waren overigens leeg, behalve de woorden: “Let op omroepbericht”.

De trein naar Leiden van 8.26u stond op het bord: deze zou vertrekken van spoor 18! Dus vreugdevol ging ik de roltrap af.

Download MOV01497.MP4
>>Helaas, geen trein.

Ik ging terug naar boven om bij de Kiosk een gratis koffie te halen. Na een tijdje werd er omgeroepen dat de trein naar Leiden Centraal van acht uur zesentwintig zou vertrekken van spoor achttien. Dus daar ging ik opnieuw heen en ein-de-lijk stond daar een trein en ik sprong blij naar binnen (gelukkig gleed ik niet uit op de besneeuwde treden).

Dsc01498
Dsc01499

De trein begon ook daadwerkelijk te rijden! Dus ik was opgelucht, ook al zou ik met fikse vertraging op mijn tentamen gaan verschijnen. Tijdens het leren in de trein maakte ik wat foto’s van het mooie, besneeuwde landschap. Om tien uur ongeveer kwam ik aan en liep ik zo gauw mogelijk naar de locatie van mijn tentamen.

Download MOV01505.MP4
>>Op naar het tentamen.

Om half elf, anderhalf uur te laat, kwam ik aan op het tentamen en ik heb het kreng in turbospeed moeten afmaken (ik kreeg immers geen extra tijd). Gelukkig had ik van tevoren kalmerende pilletjes van de Kruidvat ingenomen (of ze werken, geen idee. Placebo-effect? Haast zeker) en ik heb de toets af kunnen krijgen met een redelijk goed gevoel. Vermoeid liep ik weer terug naar Leiden Centraal.

Download MOV01508.MP4
>>Naar huis.

Daar stond de trein naar Utrecht al klaar; in tegenstelling tot de heenreis was de terugreis heel simpel. Ik nam de trein, en er reed zelfs een bus naar vlakbij mijn huis. Hopsakee! En nu ben ik uitgeput en moe en me bewust van het feit dat ik eindelijk vakantie heb…

Alvast een fijne Kerst en een prettig Nieuw Jaar, mocht ik niet meer posten!

Liefs, Mary.

december 21, 2009
By on 17:13
NaNoWriMo

Wel, ik denk dat het wel eens opgevallen zou kunnen zijn dat ik niet heel actief meer aan het bloggen ben. Ik kan u vertellen dat dat evenwel te maken heeft met de drukte die ontstaan is met studeren, vioolspelen en loltrappen als met mijn hoofd dat geen zinnig woord op papier krijgt. Waarom schrijf ik dan toch een blog?

Via een vriendin ben ik op de site van NaNoWriMo gekomen, oftewel National Novel Writing Month, wat op het eerste gezicht misschien wat drastisch klinkt. Na op de website rond te hebben gekeken, kwam ik tot de conclusie dat dat wel kon zijn wat ik zocht: deelnemers schrijven de hele maand november om tot een woordentotaal van minstens 50.000 te komen, waarbij het voorop staat, dat je je aan die afspraak houdt. Dat betekent dat je de kritische blik die je op je eigen werk werpt, eens zou moeten laten rusten om je inspiratie en je plezier in het schrijven z’n gang te laten gaan. De gedachte achter mijn deelname hieraan was als volgt: de wederopbouw van mijn afgebrokkelde discipline en, natuurlijk, het uitwerken van één van de ideeën die ik in de loop der jaren heb verzonnen als gebrek aan fantasie-uitlaatkleppen. Zoals je in de menubalk kan zien, was het ooit mijn plan geweest om wat orde aan te brengen in die ideeën, wat geresulteerd heeft in het goede voornemen nu vooral te gaan werken aan de verhalen die op dit moment de titels ‘Experimenten I’, ‘Experiment X’, ‘Fotogeniek’ en ‘Geketend’ (een recent verzinsel) dragen. Voor de NaNoWriMo heb ik gekozen voor het concept voor ‘Geen likeur voor mij’, omdat het mij één van de makkelijkere leek. Een beeld van waar het verhaal over zal gaan, kan je vinden onder het kopje ‘Proza’ en dan ‘Geen likeur voor mij’; dat stuk tekst is echter al één of twee jaar oud, in tegenstelling tot het verhaal dat het uiteindelijk gaat worden, want daar ben ik precies op 1 november, om 00.00 uur, aan begonnen.

Na een uurtje schrijven kwam ik op een totaal van 856 woorden – waarom kwam die woordenstroom waar ik al een jaar op zit te wachten, nu opeens wel? – en vanavond heb ik er 1034 bij geschreven, wat mij vandaag brengt op 1890 woorden; op dit moment loop ik dus op schema, aangezien je gemiddeld 1667 woorden per dag zou moeten schrijven om het streven te halen.

Kijk ik dan helemaal niet meer kritisch naar mezelf? Natuurlijk wel, maar met het oog op de klok, want het gaat me ongeveer twee uur per dag kosten als ik in hetzelfde tempo door zou schrijven, moet ik mezelf inhouden. Eigenlijk word ik daar heel vrolijk van, aangezien ik nu niet mezelf de hele tijd op de vingers tik. Maar die tijd, om het gehele verhaal te corrigeren en bij te slijpen, is de hele maand December. Nu dus nog even genieten van het weerklinken van de toetsen van mijn laptop, die nu aan één stuk door ratelen.

Nou, dat was een kleine update. Voordat ik van de NaNoWriMo hoorde, had ik echter wel een nieuw idee – daar gaan we weer! – voor de weblog: eens in de zoveel tijd (ik dacht aan een week) schrijven over een cultureel, historisch, wetenschappelijk of actueel onderwerp. Ik zou dit graag willen relateren aan mijn eigen interesses en ik hou er niet van om algemene feiten op te sommen, dus zal ik dan verder zoeken tot ik iets interessants gevonden heb. Op die manier hoop ik niet alleen iets eigens te creëren, maar ook iets wat ook de lezers boeit.

Goed. Bedtijd!

november 2, 2009
By on 01:56
Studentikoos

Ja, je zal nu wel denken: potvolblomme wat doet die om deze tijd van de nacht nog op internet? M’n ogen branden, zo graag willen ze toe, mijn benen zijn planken en mijn hersencellen zijn ook niet wat je zegt medische kennis (of wat dan ook) aan het opnemen; toegegeven, ik heb geen flauw idee waarom ik nu niet in mijn bed lig maar als vanouds een blog zit te typen. Niet helemaal zoals ‘vroegah’, maar lekker om half drie met een koppie thee op de bank met de laptop op m’n schoot. Lekker studentikoos.

Niet geheel ben ik er voldoende van op de hoogte gesteld dat ik tegenwoordig student ben, nee alleen als ik onder een steen had gelegen de afgelopen maanden, had ik hier misschien aan kunnen ontkomen (maar dan had ik waarschijnlijk ook geen zorgtoeslag en studiefinanciering gekregen, dus, hoera!). Hoe dit allemaal gelopen is, is geen interessant verhaal: ik was met de meute naar Barcelona toen m’n vader mij belde met de mededeling: "Gefeliciteerd! Heb je mijn SMS-je gekregen waarin staat dat je ingeloot bent, voor Geneeskunde?". Dat wist ik niet, en omdat ik er reeds de donder op had gezegd dat ik never nooit een winnend lot uit de hoed zou trekken, sprong ik een gat (of meerdere) in de lucht en was ik de hele ochtend hyper. Maar waar ging mijn nieuwe plekje dan eigenlijk wezen? Utrecht, Amsterdam? Nee, Leiden. Oei. Slik.

Dat was mijn eerste reactie. Lekker bagger. Als je dan thuis komt van vakantie, ligt alle Leidentroep op je deurmat en mag je alles door gaan lezen. In elke brief staan data, handelingen die noodzakelijk zijn, waar dat je moet aanschaffen, adressen, informatie over verenigingen… Mooi, deze school is een beetje chaotisch, dacht ik. Net als m’n vertrouwde middelbare school en mezelf.

Op 10 augustus begon de EL-CID, waar ik me met veel tegenzin voor had ingeschreven. Maar wát een toffe tijd heb ik daar gehad! Je brein wordt moe van al die nieuwe namen en gezichten (2000 EL-CID-lopers dit jaar!), maar deze vijf dagen waren zeker een mooie aftrap voor je studententijd: je maakt uitgebreid kennis met het studentenleven in Leiden, je komt in elk Universiteitsgebouw wel een keer en verlegenheidsbarrières blijken onnodig en vervagen. Mijn EL-CID-groepje (97!) was top, en ik denk dat ik, zeker de geneeskundestudenten, de meesten van het groepje nog wel eens zal spreken. De Leidse knaagsteen die in mijn maag verstopt zat bleek opgelost te zijn.

En dat gevoel heb ik gelukkig de hele tijd bewaard; drie weken later stond ik weer in Leiden, maar nu dan ein-de-lijk bij mijn eigen faculteit. Opnieuw was ik ingedeeld in een groepje, nu genaamd Bataljon (nummertje 10!), waarmee ik kennis maakte met de gebouwen, de (college-)zalen, HePaTo (studentencafé voor Geneeskunde en BW) en -opnieuw- de verenigingen. Uiteindelijk werd ik moeiteloos overgehaald om Aspro-lid te worden van Forestus, het gezelligheidsdispuut van de studievereniging. Daar werd ik weer in een groepje ingedeeld (groepsnummer ben ik even kwijt… even gokken… 6?) om ‘funky games’ te spelen. Ik ben er toen achter gekomen dat ik spijkerpoepen nog even irritant en onmogelijk vind als vroeger.

Waar kom ik nu vandaan? We gingen happas eten bij Forestus, en toen schuimparty, in weer nieuwe groepjes (zonder nummers). Om gek van te worden, maar zeker wel in positieve zin.

Morgen heb ik lekker geen college, maar dat betekent: zelfstudie!

Maar eerst: de oogjes toe!

september 9, 2009
By on 02:55
Herinneringen

Helaas pindakaas was mijn spreker op de diploma-uitreiking niet present. Desalniettemin voelde ik mij toch zeer vereerd om toegesproken te mogen worden door A-K, die mij de laatste drie jaren klassieke talen met succes heeft bijgebracht.

juli 8, 2009
By on 12:41
Warhoofdig Utereg

De mensen van tegenwoordig hebben teveel aan hun hoofd, dat blijkt elke dag weer. Alles moet perfect op rolletjes lopen: ontwaken, ontbijten, naar school of werk gaan, leren of werken, om vervolgens weer naar huis te gaan om te gaan eten en tot slot weer in het veilige bedje te slapen. Zo’n dagritme lijkt toch o zo simpel, maar men vergeet hoe moeilijk het tegenwoordig is om in het ritme te blijven. Want niet alleen zo’n dagritme moet "perfect op rolletjes lopen", nee alles in ons onbezorgde leventje moet perfect gaan. Nederlanders leven onder een zieke prestatiedruk, en om rustig te blijven, doelt elke Nederlander op orde in zijn of haar leven. En om orde te scheppen, maakt men tijdschema’s voor wat wanneer, waarom, waar en met wie is. Hoezo, Nederland moet minder gebureaucratiseerd zijn; net zoals bij alle grote hervormingen moet je klein beginnen, namelijk bij jezelf.

En dan kom je er voor jezelf ook achter, dat dat papierwerk niet alleen tijdrovend is, maar ook nutteloos, chaotisch, onnauwkeurig en vooral ook niet spontaan meer. Waarom zou je een afspraak tot jouw spijt af moeten zeggen wanneer je al een afspraak hebt staan? Heb je echt geen zin om éventjes iets met iemand te gaan drinken, ook al moet je volgens je planning vier uur achter elkaar blokken? Is vier uur studeren eigenlijk wel te doen? Weet je zeker dat je álles in je agenda hebt geschreven? En waar waren eigenlijk al die papieren gebleven waarop je je gegevens voor de IB-groep had genoteerd?

Misschien is een betere vraag: wordt een mens wel gelukkig van structuur? Of is structuur niet zo geordend als hierboven beschreven? Je zou ‘levensstructuur’ kunnen opvatten als het geraamte dat je leven overeind houdt, en verder redenerend zou je dan tot de conclusie kunnen komen, dat de enige structuur die een mens nodig heeft, slechts bestaat uit oerbehoeften: liefde, materie (zeg maar: huis) en voedsel. Liefde moet in deze context wel zeer breed opgevat worden; ook respect, rechten en spontaniteit zijn handelingen die een mens doet uit een bepaalde soort liefde. Bepaalde materie, zoals een stekkie en toiletspullen, zijn voor een mens waardevol. En dat een mens niet zonder eten kan, spreekt hopelijk wel voor zich.

Je zou je kunnen afvragen: waar is tegenwoordig de spontaniteit gebleven? Mensen leven langs elkaar heen, wat in een bepaald opzicht wel logisch is, want ieder mens leidt een eigen leven. Maar worden we daar niet grijs en grauw van? Is de prestatiedruk niet gewoon zó hoog geworden, dat ieder uiteindelijk alleen gericht is op zichzelf? Of heet dit ons instinct, ons instinct dat gericht is op het winnen van macht en de overheersing over anderen, of is juist ons instinct datgene dat wij onderdrukken omdat wij "mensen" zijn? Want dat zou betekenen, dat wij, diep in ons hart, wel de spontaniteit hebben, om tegen een of andere voorbijganger eens ‘Goede dag!’, te zeggen.

Dat het niet in het menselijk systeem zit om ordelijk te leven, wordt dus verklaard door het feit dat mensen zich niet (of met heel veel moeite) kunnen houden aan hun zogenaamde structuren. Want veel liever gaan we, op het moment dat we aan de proefexamens zitten, een ijskoffie drinken (met vanille) bij de Hema, en veel liever ga je bij iemand op visite als je in de buurt bent als je eigenlijk je jongerenrekening moet gaan regelen bij de bank.

En we worden er moe van, waardoor er juist een anti-orde ontstaat. Op de muziekschool bijvoorbeeld, daar vallen soms lessen uit door de feestdagen. Men heeft daar de computers laten rekenen, en men heeft uitgeprint en verstuurd welke dagen er moeten worden ingehaald. Nou is het wel algemeen bekend dat de maandag vaak zal uitvallen door onder andere Tweede Paasdag en Pinksteren; maar volgens de computer hebben zij slechts recht op evenveel inhaallessen als bijvoorbeeld de donderdag. Daartegen is een bezwaar gemaakt: iedereen kan toch op zijn vingers natellen dat maandag meer lesuitval heeft? Maar nee, de computer heeft natuurlijk gelijk, totdat het werd nagerekend. Hm, onze excuses. Het gevoel wint het dus nog steeds van de computer.

Mensen hebben door de drukte ook steeds meer de neiging om te laat te komen. In het verkeer is het dan ook altijd een gezellige drukte (maar niet heus) van mensen die haast hebben om in het ritme te blijven. En o wee, o wee, als je iemands ritme verstoort. Op mijn weg naar school heb ik bijna twee fietsers en een rollator aangereden; en ik ga nu niet schijnheilig doen want ik had zelf ook haast, want voordat ik naar school ging besloot ik het konijnenhok te verschonen, en toen wilde het konijn niet meer terug in het hok. In ieder geval: mensen letten door al hun zaken niet meer goed op het leven zelf.

Natuurlijk betrek ik dat ook op mezelf, en stiekem is het ook wel onvermijdelijk om je op deze dagen met spontane activiteiten bezig te houden: ik doe nu eindelijk eindexamen, en nu wil ik alles een keer wél goed op een rijtje hebben.

mei 19, 2009
By on 20:54
Ode aan de Hema

Al ga ik dan niet in Utrecht studeren, Utrecht is én blijft m’n stadsie. Hoeveel tijd ik er inmiddels in gestoken heb door de binnenstad te zwerven, ondanks wat voor soort weer en tot hoe laat, daarvan heb ik keiharde cijfers behalve dat ik durf toe te geven dat het véél is. En nog steeds ken ik Utrecht nog niet op m’n duimpie, maar dat heeft te maken met dat ik me graag begeef naar mijn favoriete plekjes in de stad: de muziekschool, waar ik al kom sinds toen ik een nog veel kleiner ukkie was, de H&M waar ze goedkope kleren verkopen, de Labyrinth Fantasy Shop (voorheen de Elf Fantasy Shop) vanwege good memories, de Sacha met hun geweldige schoenen, en natuurlijk de HEMA.

Je kent de HEMA.
De HEMA in Utrecht heeft twee ingangen – of twee uitgangen – namelijk die aan de Austrialiankant en die aan de Oude Grachtkant.
De HEMA heeft producten met kwaliteit en prijzen die ÉCHT HEMA zijn.
De HEMA heeft medewerkers die hun werk doen met zorg.
De HEMA verkoopt heerlijke koffiespecialiteiten met vanille, kaneel of nog iets lekkers.
De HEMA verkoopt de leukste schoolagenda’s en bh’s.
De HEMA verkoopt de lekkerste hotdogs met teveel meurende saus.
De HEMA is niet bang voor Jip en Janneke-haters.
De HEMA durft roze met groen te mengen.
De HEMA kan groots uitpakken met 70% korting op al het damesondergoed.

In de HEMA is iedereen anders. Men durft te lachen als hij van de roltrap struikelt. Iedereen kan het HEMA-deuntje meefluiten en doet dat ook gewoon. Onbekende mensen vragen je om kledingadviezen. Jij vraagt aan een vreemde of hij het kettinkje sluit. In de HEMA durf ik gewoon te eten in de winkel. Ik zou mensen zomaar kunnen omhelsen als ik mijn handen al niet vol had aan een broodje Catalaanse kip en nieuwe, hippe schoolspullen.
Je kent de HEMA.

In de HEMA vond ik ein-de-lijk een prullenbak, toen ik al uren in de stad met een leeg pakje drinken rond had gelopen. Het gezicht van de HEMA-medewerker stond raar doch vriendelijk toen ik me realiseerde dat de prullenbak slechts een model was en ik het pakje dus weer uit de uit elkaar vallende prullenbak probeerde te vissen.

Bij HEMA aan de werf, aan de Oude Grachtkant dus, kreeg ik mijn eerste zoen. Het regende, maar dat hinderde niet want het was dicht bij de HEMA.

In het HEMA-restaurant was een man in een matrozenpakje zich aan het bezatten met rosé die hij telkens weer kocht aan de kassa alvorens het uit de koeling gehaald te hebben. Hij stonk en de HEMA-medewerking was zo vriendelijk hem de uitgang van de winkel te wijzen.

Onlangs liep ik de HEMA uit – dat wilde ik althans, want ik liep tegen de dichte deuren aan omdat ik verwachtte dat ze automatisch opengingen.

Alleen bij de HEMA krijg je bij je kladblok een mysterieuze, anonieme liefdebsrief bijgevoegd. Deze lieve soort grapjassen komen vast alleen in de HEMA hun lolletjes trappen door geheime briefjes tussen de artikelen te verstoppen.

Deze gebeurtenissen zijn echt HEMA. Nergens anders zouden ze me kunnen overkomen.

Ooit wordt ‘HEMA’ een woord in de Nederlandse spreektaal. Nu wordt het voor de grap ook wel als afkorting gezien van Hier Eten Mensen Afval maar ik weet dat dat niet zo is. Ik heb overigens geen idee waar HEMA wél voor staat, maar het is vast cool.

Als ik Hé, Ma!! roep, denk ik aan de HEMA.
Er zijn mensen die alleen de HEMA-versie van Midden in de Winternacht kennen.
De HEMA is een opkomend totalitair systeem dat dat van de smurfen en voetbalplaatjes van de Albert Heijn omver zal werpen. HEMA is geen bedrijvennaam, nee, het is de naam van een Omnividens, en het is niet eng want overspoeld worden door de HEMA maakt ons allen blij.
De indoctrinatie is reeds begonnen.

Ooit zal HEMA overal zijn.
Ik zie het grote bord al voor me. Een groot, roze oog met een groen randje met een iris in de vorm van een zonnetje staart ons vrolijk aan en groet iedere voorbijganger met een knipoog. Onder het oog staat HEMA. Het oog ís HEMA. Onder HEMA staat de volgende tekst:

Roze is Groen.

Broodje Catalaanse kip is Drie euro Vijfentwintig.

Korting is Winst.

ECHT HEMA

februari 2, 2009
By on 20:39
Experimenten I

Dit is een bundel met stukjes waarin ik op zoek ben naar de grenzen tussen proza en poëzie! Sommige stukken zijn heel wat dichterlijke dan andere, verhalendere stukken. Enjoy!

Experiment I – Raadspel

Experiment II

Experiment III

Experiment IV

Experiment V

Experiment VI

updates:

december 11, 2008
By on 20:19
Oproepie

Dear readers,

I proudly represent to you meers.web-log.nl. It’s new. It’s ordered. And it’s white, for heaven’s sake. May the site be reborn like light has returned after darkness. It’s time for revolution, but don’t forget we love Mother Nature who gave us flowers and grass, and the colors pink, purple, green and last but never least white. Please check my new cathegories: Prozabundels, ‘Epos, etc., see the links on your left.

Tot zover in het engels, want ik wou eigenlijk een klein vraagje stellen. Zoals sommigen wel weten, vind ik het leuk om met van alles te experimenteren (zolang het maar niet te technisch wordt). Zo heb ik GIMP uitgeprobeerd als een soort gratis versie van Photoshop, kloot ik met de fotocamera van m’n ouders en ben ik met een aantal experimentele schrijfsels bezig. Voorbeelden daarvan zijn Experiment X en de Proza-Poëzieën, die eigenlijk de naam Experimenten I – XX zouden gaan dragen. Maar voor in de komende vakanties was ik vooral van plan mezelf in een Experiment te stoppen.

Want ik ben een cultuurbarbaar op het gebied van films en ik ben er niet trots op. En aangezien ik in de vakantie plenty of spare time heb, of in ieder geval hoor te hebben, ga ik een filmmarathon houden.

Werkplan:

Vraagstelling: Hoeveel films kan je op een normale dag kijken?
(Toelichting ‘normale dag’: een dag waarop men opstaat om 08.00u, ontbijt, doucht, boodschappen doet, luncht, een hobby beoefent, kookt, dineert, schoonmaakt (o.a. afwas) en om 23.00u gaat slapen)

Hypothese: Als er sprake is van een normale dag, dan kan je 5 films op een dag kijken.
(Toelichting berekening: je bent op een ‘normale dag’ 15 uur wakker. Je kan ongeveer één uur uittrekken voor drie maaltijden, twee uur voor een hobby, twee uur voor douchen, schoonmaken, boodschappen doen en één uur voor koken, maakt 15 uur – 6 uur = 9 uur. De gemiddelde film duurt 100 minuten = 1 2/3 uur. 9 / (1 2/3 ) = 5,4 = 5 hele films.)

Benodigdheden:
- films
- voedsel
- klok
- geld
- lidmaatschap videotheek

Werkwijze:
Men houdt zich aan de ‘normale’ dag.

Men staat op om 08.00u, ontbijt, doucht en doet boodschappen. Om 9.30u kijkt men de eerste film en wordt er achtereenvolgens met de tweede film begonnen. Om 12.00u wordt er geluncht (kan tijdens de film). Na de tweede film beoefent men een hobby. Om 15.30u begint men met de derde film, waarna er gekookt wordt en gedineerd. De vierde film kijkt men om 19.30u, en de vijfde film wordt direct daarna gekeken. Om 22.30u moet er worden opgeruimd en afgewassen. Om 23.00u is het bedtijd. Mocht er sprake zijn van een tijdsoverschot, dan dient er alvast begonnen te worden met de volgende film, mits er gehouden wordt met de ‘regels’ van een ‘normale’ dag. Het is dus ook mogelijk dat een film op een dag wegvalt.
Voer de proef meerdere keren uit (drie maal is ideaal) en als het kan in duplo.
(uitleg bij de werkwijze: er moet bij tijdsoverschot alvast begonnen worden met de volgende film omdat er wellicht meer of minder dan 5 films op een normale dag gekeken kunnen worden. De proef meerdere keren uitvoeren betekent dat er meerdere dagen voor uitgetrokken moeten worden. De proef in duplo (of meer) uitvoeren betekent in dit geval meerdere mensen films laten kijken (wat natuurlijk heel gezellig is).)

Zoals je ziet is het werkplan nog niet af: er moeten nog resultaten, een conclusie en een discussie bij. Die kan ik alleen invullen als ik het experiment uitvoer, en daar heb ik jullie hulp voor nodig!

Dus, aan jullie de vraag welke films ik echt gezien moet hebben! Er mogen zoveel films genoemd worden als je maar wilt – de meeste films heb ik echt nog niet gezien. Kom niet met Harry Potter, want die films zijn mij dan weer niet ontschoten. Van Lord of the Rings moet ik alleen de derde film nog. Maar kom maar op! Ik pas het werkplan aan aan het aantal films die jullie intypen die ik wel wil kijken.

Als er voldoende reacties zijn, kom ik meteen met een nieuw experiment: ik geef mijn logboek niet alleen in geschreven vorm, maar geef ook mijn eigen reactie in een videoblog. Ik ben benieuwd!

Liefs!


By on 20:07